De natuur is in ieder geval de grote verliezer van de scheepsramp op de Noordzee

Maandag botsten op de Noordzee een Amerikaanse olietanker en een Portugees vrachtschip tegen elkaar, met een grote brand als gevolg. RTL Nieuws-redacteur Lisanne van Sadelhoff neemt de reacties op dit bericht onder de loep en ziet dat er heel graag een boosdoener wordt gezocht: de industrie, de consument of de overheid?
Terwijl mensen naar hun werk gingen, hun kinderen naar school brachten of een kop koffie in de zon dronken, liep op 'onze' Noordzee een olietanker leeg met een stof die 'zelfs niet meer wordt gebruikt als rattengif'.
Maandag botste een tanker op een vrachtschip, waarna de gevolgen niet te overzien waren – maar wel te zien. In de vorm van een mega-fik, en urgente koppen waarin experts een milieuramp schetsen.
Arme, arme dieren
Dat hield de gemoederen bezig. Want ineens wordt dan concreet wat onze industrie (de scheepvaart in dit geval) voor een gevaar kan vormen voor de natuur. Ineens maakten mensen – de realisten onder ons – zich zorgen om zeehondjes, 'die zwemmen daar toch?' en om vogels: 'Die vliegen of dobberen daar nu nog niets vermoedend rond, wetend dat ze binnen een paar uur doodgaan'. 'Och, die arme, arme dieren.' 'De mens heeft het weer verpest voor de dieren.'
De ontkenners lieten ook digitaal van zich horen: 'Zal zo snel niet gaan, toch?' En: 'Misschien kunnen ze de boel op tijd blussen.' (Dat kan niet, gaven experts aan, en ja, het zou zo snel wel gaan, gaven experts aan).
Ook opvallend: er was duidelijk een wij-kamp en een zij-kamp. In het eerstgenoemde kamp zitten de mensen die de hand niet alleen in elkaars boezem steken, maar ook in eigen boezem. 'We maken de aarde kapot.' Want, zo schreef iemand die op de hoogte was: 'Wíj hebben de grondstoffen nodig die een tank en spullen nodig die zo’n tanker vervoert.'
Telefoon en sieraden
De giftige, chemische stof die door het Portugese vrachtschip werd vervoerd, was natriumcyanide (volgens de eigenaar was de giftig stof niet meer aan bood, maar alleen alleen vier lege containers waarin de stof had gezeten, red.), die wordt gebruikt om goud en zilver te winnen in de mijnbouw – voor, bijvoorbeeld onze telefoons, sieraden, bestek, elektronische apparaten, zonnepanelen. De Amerikaanse olietanker vervoerde kerosine – brandstof voor vliegtuigen.
In het tegenovergestelde kamp zitten de mensen die graag naar de ander wijzen. De bazen van de bedrijven die verantwoordelijk zijn voor het vervoer van de stoffen. Of de grote CEO’s die deze bedrijven opdracht hebben gegeven om de stoffen te vervoeren.
Ook de overheid krijgt de wind van voren – 'er moeten betere regels komen', en 'wáárom mag deze megagiftige stof überhaupt worden vervoerd over zo’n kwetsbare zee als de onze?' ('Omdat wij maar blijven consumeren', antwoordde iemand van het wij-kamp al snel).
Pijnlijke balans
Een beetje een kip-ei-verhaal: is de vraag vanuit de consument er eerder, of het aanbod vanuit de industrie?
Of het nu bedrijf A, overheid B of consument C is: het is in elk geval niet de schuld van de natuur. En die is de dupe. 'mens versus natuur: 823855 punten versus 0', zo maakt iemand de pijnlijke balans op.
Klik hier voor meer Lifestyle.