Bijna 1 miljoen Nederlanders zoeken andere huisarts, tekort blijft toenemen

Er zijn in Nederland veel te weinig huisartsen. Dat blijkt uit een vandaag verschenen rapport van de Algemene Rekenkamer. Ongeveer 60 procent van de huisartsenpraktijken heeft een patiëntenstop, en dat aantal zal naar verwachting de komende jaren alleen maar stijgen.
Voor de meeste mensen die op zoek zijn naar een huisarts was dit probleem waarschijnlijk al langer duidelijk. Het rapport is bedoeld om iedere onduidelijkheid weg te nemen over de vraag of er inderdaad een tekort is aan huisartsen. In april vorig jaar zei toenmalig minister Dijkstra van Medische Zorg nog dat er geen huisartsentekort was.
"In de politiek is er discussie over of er daadwerkelijk sprake is van een huisartsentekort. Dat was voor ons aanleiding om onderzoek te doen naar de feiten", zegt Ewout Irrgang van de Algemene Rekenkamer. "Onze conclusie is dat er wel degelijk sprake is van een huisartsentekort, dat de komende tijd waarschijnlijk ook gaat groeien."
1 op 20 Nederlanders op zoek
Volgens de Rekenkamer is ongeveer 1 op de 20 Nederlanders momenteel op zoek naar een nieuwe huisarts, omdat ze nog geen huisarts hebben of op zoek zijn naar een andere praktijk. Hoeveel mensen het niet lukt om een nieuwe arts te vinden, en hoeveel plekken er missen, kan de Rekenkamer niet precies zeggen, maar dat het er te weinig zijn, is duidelijk.
Een van de gevolgen van het tekort, is dat patiënten soms noodgedwongen een huisarts nemen die niet bij hen in de buurt gevestigd is. "Het uitgangspunt van de minister is dat iedereen zich moet kunnen inschrijven bij een huisarts in de buurt", zegt Irrgang. "We zien in de praktijk dat dat inschrijven moeilijk gaat door patiëntenstops, en dat mensen daardoor niet altijd een huisarts in de buurt hebben. Dat heeft risico’s voor de kwaliteit van de zorg. Mensen gaan zorg mijden, en ze gaan te laat op zoek naar zorg die ze wel nodig hebben."
Huisarts Robert Walpot heeft zijn eigen praktijk in het Noord-Hollandse Koog aan de Zaan. Ook hij ziet de druk op zijn praktijk toenemen. "Bijna alle praktijken in onze regio hebben een patiëntenstop. Mensen die hier naartoe verhuizen kunnen nergens terecht", zegt hij.
Als gevolg daarvan gaan meer mensen langs bij de huisartsenpost, 'waardoor het daar nog drukker is. En daar is de huisartsenpost niet voor bedoeld', zegt Walpot.
Minder praktijken
Een bijkomend probleem is het dalend aantal huisartsenpraktijken. Steeds meer huisartsen kiezen ervoor om geen eigen praktijk te openen, bijvoorbeeld omdat ze geen zin hebben in de administratieve lasten die daarbij komen kijken of omdat ze geen geschikte praktijkruimte kunnen vinden, ziet Ewout Irrgang.
"Steeds meer huisartsen werken bij een praktijk maar zijn zelf geen praktijkhouder, en er zijn ook steeds meer wisselende huisartsen, die overal en nergens aan het werk zijn", zegt hij. "Dat laatste is voor de kwaliteit van de zorg niet goed. Je wil een vast contact met de patient. Het risico van weinig praktijken is ook dat je steeds verder van huis moet voor een huisartsenpraktijk. Dat is niet wenselijk, omdat je wil dat mensen binnen 15 minuten bij de praktijk kunnen zijn."
Volgens de Landelijke Vereniging van Huisartsen (LHV) is het daarom belangrijk dat het openen van een eigen praktijk wordt gestimuleerd. "Daaraan kunnen ook de overheid, zorgverzekeraars en gemeenten stevig bijdragen", vertelt LHV-voorzitter Marjolein Tasche. "Door praktijkstart financieel te ondersteunen, de organisatorische rompslomp te verminderen en met betaalbare, geschikte huisvesting."
Die maatregelen moeten een deel van het probleem ondervangen, maar feit blijft dat het tekort aan huisartsen naar verwachting alleen maar zal toenemen, doordat de vraag naar zorg harder groeit dan het aanbod, zegt Irrgang. "We zullen ervoor moeten zorgen dat probleem zo klein mogelijk te maken."